De Mississippilandkaartschildpad

De Mississippilandkaartschildpad is een moerasschildpad uit het gebied rond de Mississippi.

De wetenschappelijke naam van de Mississippilandkaartschildpad is Graptemys pseudogeographica kohni. De naam komt van de strepen op het schild die veel lijken op een landkaart. Vrouwtjes zijn aanzienlijk groter dan de mannetjes. De mannetjes worden 9-12 cm. De vrouwtjes worden wel 15-25 cm. Deze schildpad is heel populair als huisdier. De Mississipilandkaartschildpad leeft vooral in het water en komt alleen aan land om te zonnen.

langnekslangenhalsschildpad

De langnekslangenhalsschildpad is een slangenhalsschildpad uit Australië.

 

De wetenschappelijke naam van de langnekslangenhalsschildpad is Chelodina longicollis. Longicollis betekent letterlijk “lange nek”. De schildlengte is 20-25 cm. De nek is net zo lang. De langnekslangenhalsschildpad eet: kikkervisjes, kleine visjes, kreeftachtigen en kikkers. Hij is dus een omnivoor. De langnekslangenhalsschildpad leeft in meren, moerassen en andere grotere wateren. Deze schildpad leeft veel in water maar gaat aan land om te zonnen. De langnekslangenhalsschildpad heeft zwemvliezen waarmee hij goed kan zwemmen. De langnekslangenhalsschildpad verdedigt zich door een stinkende stof uit te scheiden. De langnekslangenhalsschildpad kan zijn lange nek niet in zijn schild terugtrekken. De nek wordt als er gevaar dreigt onder de schildrand gevouwen.

 

De kwantungmoerasschildpad

De kwantungmoerasschildpad is een moerasschildpad uit Azië.

De wetenschappelijke naam van de kwantungmoerasschildpad is Mauremys nigricans. Het schild van de kwantungmoerasschildpad bereikt een lengte tot 20 cm. Het schild is bruin. Het onderschild van de jongere dieren is knalrood of roze. De kwantungmoerasschildpad eet vooral planten maar ook diertjes. Jongere kwantungmoerasschildpadden eten vooral kleine diertjes. De kwantungmoerasschildpad komt in Azië voor in de landen: China, Hainan, Taiwan en Viëtnam. Een aantal kwantungmoerasschildpadden hebben een rode keel. Daarom worden ze ook wel Chinese roodkeelschildpad genoemd. Deze schildpad wordt ook kwantungrivierschildpad genoemd. Deze schildpad leekt op de Chinese driekielschildpad. Deze schildpad is geen goede zwemmer. Hij is niet goed gestroomlijnd en houdt het niet lang uit onder water. Toch is deze schildpad bijna altijd in het water te vinden. Deze schildpad is zeer populair bij de Chinezen, maar niet als huisdier maar als eten. In China wordt deze schildpad massaal gevangen en opgegeten.

De kraakbeendrieklauw

De kraakbeendrieklauw is een weekschildpad uit Azië.

De wetenschappelijke naam van de kraakbeendrieklauw is Amyda cartilaginea. De kraakbeendrieklauw kan een lengte van 80 centimeter bereiken. Hij is daarmee een van de grootste weekschildpadden ter wereld. De kraakbeendrieklauw komt voor in Azië in de volgende landen: Laös, Maleisië, Cambodja, Thaïland, Indonesië en Myanmar. De kraakbeendrieklauw leeft in langzaamstromende rivieren, meren of moerassen. De kraakbeendrieklauw eet vissen, amfibieën en kreeftachtigen. Hij is misschien een carnivoor, omdat er ooit een kraakbeendrieklauw is aangetroffen met palmzaden in zijn maag. De kleur van het schild is bruin. Het schild is plat en zacht en beschermen de achterpoten. De kraakbeendrieklauw heeft grote zwemvliezen aan zijn poten en een spitse punt op zijn neus. De kraakbeendrieklauw is heel schuw en komt daarom niet aan land om te zonnen.  In droge periodes komt de schildpad aan land om zich in te graven in modder met alleen het puntje van de snuit nog boven de modder. Je onderscheidt de mannetjes en de vrouwtjes van elkaar door te kijken of de staart dik is en te kijken naar het onderschild. Als de staart dik is, is het een mannetje. Als het onderschild grijs is, is het een vrouwtje. Is het onderschild wit, dan is het een mannetje.

De diadeemschildpad

De diadeemschildpad is een moerasschildpad uit Bangladesh, Pakistan en India.

De wetenschappelijke naam van de diadeemschildpad is Hardella Thurjii. De diadeemschildpad kan wel 55 centimeter worden. De diadeemschildpad eet waterplanten maar ook kleine insecten en andere kleine beestjes. De diadeemschildpad leeft in bijna alle wateren met het liefst een modderbodem. De diadeemschildpad zont wel maar nooit ver van water om te vluchten. De longen van de diadeemschildpad zijn versterkt zodat hij als hij diep duikt opgewassen is tegen de druk die dan ontstaat. Het schild is bruin tot zwart. De naam slaat op de twee gele strepen van de hals tot aan de ogen en van de hals tot aan de bek. Het vrouwtje legt de eieren onder water.

De druppelschildpad

De druppelschildpad is een moerasschildpad uit de Verenigde-Staten.

De wetenschappelijke naam van de druppelschildpad is Clemmys Guttata. De druppelschildpad is geen grote schildpad hij wordt ongeveer 13 cm. De druppelschildpad komt aan zijn naam door de wittes stippen op zijn schild. De kleine druppelschildpadden hebben een rode tekening op het onderschild. Als ze ouder worden verdwijnd die tekening. De druppelschildpad leeft in bijna alle wateren zolang het water maar niet stroomt. De druppelschildpad komt best vaak aan land maar blijft dicht bij het water en op zijn hoede voor als er gevaar dreigt. Als de tijd is gekomen legt een vrouwtje ongeveer vier eieren die in juni uitkomen. De druppelkschildpad is een omnivoor: hij eet insecten, vissen en kleine waterdiertjes maar ook waterplanten. De druppelschildpad wordt zelf gegeten door zoogdieren en roofvogels. Deze schildpadden houden hun winterslaap in de modderbodem maar ook in holen van bisamratten. In veel gebieden waar hij voorkomt is de druppelschildpad beschermd.

De doornrandweekschildpad

De doornrandweekschildpad is een weekschildpad uit Noord-Amerika.

De wetenschappelijke naam van de doornrandweekschildpad is Apalone Spinifera. Het schild van de doornrandweekschildpad lijkt heel glad maar is in het echt heel ruw. Dit is ook één van de weinige schildpaddensoorten die helemaal niet bedreigd is. Het verschil in lengte tussen mannetjes en vrouwtjes is heel groot. De vrouwtjes worden 30-50 cm en mannetjes maar 20 cm. De doornrandweekschildpadleeft in modderige oevers rivieren en grote plassen. Deze schildpad heeft een week schild dat een beetje kan buigen. Dat maakt hem op het land heel kwetsbaar maar in het water is hij daardoor veel sneller. De doornrandweekschildpad komt net zoals bijna elke schildpad wel aan land om te zonnen, maar is altijd dicht bij het water om snel te kunnen ontsnappen als er gevaar dreigt. De doornrandweekschildpad eet vissen, weekdieren, amfibiën, insecten en soms zelfs vogels.

De callagurschildpad

De callagurschildpad is een moerasschildpad uit Thailand en Indonesië.

Zijn wetenschappelijke naam is Batagur borneoensis. Hij wordt ongeveer 55 centimeter lang. De vrouwtjes zijn (zoals bij veel schildpadden)groter dan de mannetjes. Het voedsel bestaat uit planten, maar heel soms ook vlees. Kleine callagurschildpadjes eten wel vlees maar niet zoveel.Je kan ze vinden in meren en rivier, maar ook in zeeën dat is heel raar voor een moerasschildpad. Hij zet zelfs zijn eieren af op de plek waar zeeschildpadden dat ook doen. Deze schildpad is bijzonder omdat hij tijdens de paartijd van uiterlijk veranderd: de nek wordt wit en zijn snuit wordt rood, dat is heel raar voor een schildpad. Deze schildpad staat op nummer 3 van de meest bedreigde schildpaddensoorten ter wereld!!!

De Birmese drieklauw

De Birmese drieklauw is een weekschildpad uit Azië.

Zijn wetenschappelijke naam is Nilssonia formosa. Hij wordt ongeveer 60 centimeter lang. De Birmese drieklauw eet vooral vlees van kleine diertjes. Je kan ze vinden bij kleine meertjes en riviertjes. Deze schildpad is een goede zwemmer door de zwemvliezen die tussen zijn poten groeien. Deze schildpadden zijn best zeldzaam, maar toch worden ze nog verkocht als voedsel. Bij de geboorte van een Birmese drieklauw heeft hij dezelfde tekening op de hals als de pauwoogsierschildpad.

De Braziliaanse reuzenschildpad

De Braziliaanse reuzenschildpad is een landschildpad uit Midden-Amerika en Zuid-Amerika. Vooral in Brazilië en Suriname.

De Braziliaanse reuzenschildpad wordt ook wel eens bosschildpad genoemd. Zijn wetenschappelijke naam is Chelonoidis denticulatus. Hij wordt ongeveer een halve meter lang, dat is groot voor een landschildpad maar er zijn groteren. Je kan hem vinden bij vochtig zand, maar ook bossen. De Braziliaanse reuzenschildpad graaft holen in het zand als huis. Het voedsel is bijna helemaal vegatarisch maar soms eet deze reuzenschildpad ook een beetje vlees.